Slagsessie oktober 2018: Samen verder de diepte in gaan

De diepte ingaan. Zodat er concrete vragen naar boven komen. Dat was de insteek van de Slagsessie die het programma ‘Aan de slag met de Omgevingswet’ op 10 oktober 2018 organiseerde. Voor deelnemers die met de trein kwamen, was de locatie van deze slagsessie in Utrecht ideaal. Het Beatrixgebouw, om de hoek bij Utrecht Centraal, vormde het decor. Op deze zonnige woensdagmiddag deelden gemeenten, provincies, waterschappen, het Rijk en andere betrokkenen hun ervaringen en inzichten met elkaar.

De deelnemers worden op de tweede verdieping van het moderne congresgebouw ontvangen met een lunch. Ze stellen zich aan elkaar voor, nemen plaats op de banken en aan de statafels en eten rustig hun broodje. Na de lunch splitst de groep zich op voor drie kennissessies: ‘Introductie Omgevingswet’, ‘Kwartaaldemonstratie digitaal stelsel Omgevingswet’ en ‘Laatste stand van zaken wet- en regelgeving’.

Kennissessies

Bij die laatste sessie opent Mirelle Kolnaar de middag. Zij is van Eenvoudig Beter. ‘Wie weet hoe een wet gemaakt wordt?’ vraagt ze aan de deelnemers. Het gefluister in de zaal verstomt. Niemand lijkt het antwoord te weten. Iemand doet toch een poging en noemt de partijen die de wet goed moeten keuren. Kolnaar vult haar aan met de opmerking dat bij de Omgevingswet ook juist heel veel partijen aan de voorkant betrokken worden. Kolnaar stelt de volgende vraag: ‘Waarom maken we de Omgevingswet?’ Wederom stilte. Kolnaar legt uit: ‘Het maken van de Omgevingswet willen we zoveel mogelijk zonder beleid doen. We willen niks nieuws bedenken, maar werken met wat we al hebben. Bovendien moet de wet zo goed mogelijk uitvoerbaar zijn, dus moeten we goed weten wat er allemaal speelt.’

Open sfeer

Waar zijn we nu met de wet? De Algemene Maatregelen voor Bestuur (AMvB’s) zijn ingevoerd en de invoeringswet ligt bij de Tweede Kamer. Het invoeringsbesluit is in de maak. Kolnaar vervolgt: ‘De omgevingsregeling, de ministeriele regeling bij de Omgevingswet, moet in het najaar van 2019 gereed zijn.’ De groep luistert aandachtig. Er heerst een open sfeer. Dat blijkt des te meer als Kolnaar een vragenronde start. Als een deelnemer een vraag stelt waar Kolnaar geen antwoord op heeft, maakt de groep gebruik van elkaars kennis. ‘Weet iemand anders misschien het antwoord?’ en ‘Ik heb het even voor je opgezocht. Het is artikel 4.17 van de wet’ klinkt het. Er worden grapjes gemaakt en er vinden kleine discussies plaats; dit belooft wat voor de rest van de dag.

We liggen op schema

Heleen Groot, waarnemend directeur Aan de slag met de Omgevingswet, heet iedereen welkom bij de plenaire opening. ‘Het gaat vandaag om jullie. Wie zijn jullie?’ Medewerkers van waterschappen, provincies, het Rijk; ze zijn allemaal aanwezig. En massaal, want de zaal is helemaal gevuld. Maar het merendeel van de deelnemers van deze slagsessie komt namens een gemeente. Groot vertelt dat alles op schema ligt. De wetgeving, maar ook het digitaal stelsel. ‘Wat ons betreft staat januari 2021. En dat betekent dat er nog heel veel moet gebeuren. We gaan het druk hebben met elkaar.’

Aha-erlebnis

Alle deelnemers hebben vooraf een casus ontvangen die als basis zal dienen voor de werktafels. Groot licht toe: ‘Er is de afgelopen tijd veel gewerkt vanuit de theorie, maar hoe werkt het nou als je een casus hebt? Het idee achter de casus is dat je met elkaar in gesprek gaat. Dat je met elkaar ontdekt en leert. Dat de zogenoemde ‘Aha-erlebnis’ komt en je straks die kennis weer mee kan nemen naar je directe collega’s om er met hen verder over te praten.’

Veelkoppig monster

De groep wordt wederom verdeeld. Er zijn vier werktafels: ‘beleidsontwikkeling’, ‘beleidsdoorwerking’, ‘uitvoering’ en ‘digitalisering’. Jelle Troelstra, adviseur fysieke leefomgeving, leidt de groep die geïnteresseerd is in beleidsontwikkeling. Hij begint met een korte toelichting van het instrument ‘Programma’. ‘Een veelkoppig monster’, aldus Troelstra. Ook in deze groep heerst een open sfeer. Mensen durven vragen te stellen aan de gespreksleider, maar ook aan elkaar. De verschillende achtergronden van de deelnemers maken dat ze elkaar tips kunnen geven. ‘Als je meer over dat onderwerp wil weten, moet je eens op onze website kijken.’

Gezamenlijk een visie opstellen

Dan is de casus wateroverlast aan de beurt, die in het teken staat van water.

In gemeente A is er bij hevige buien steeds vaker sprake van wateroverlast. Inwoners van een woonwijk hebben zich verenigd in belangenvereniging ‘Hou mijn tuintje droog’. In diezelfde wijk lozen zes bedrijven water op het riool, en die capaciteit is beperkt als het stevig regent. In gemeente A is een projectgroep gestart. In de buurgemeente B gaat een groot technologisch bedrijf stoppen met een jarenlange grondwateronttrekking. Het stoppen zal tot een hogere grondwaterstand leiden in gemeente A.

Gemeente A en B liggen beide naast een kwetsbaar natuurgebied waar de provincie al lange tijd probeert om nieuwe droge natuur te regelen. Dat wil tot nu toe niet lukken.

Het waterschap heeft bij hevige regenbuien ook regelmatig problemen om de grote hoeveelheid water vanuit het gebied rond gemeente A en B af te voeren. Samen met de gemeente B heeft het waterschap een watertakenplan op het gebied van hemelwater, grondwater en afvalwater.

‘Eigenlijk zijn alle betrokken eigenaar van een probleem’, stelt Troelstra. ’Hoe lossen we dat op?’ Een deelnemer oppert dat ze het, ideaal gezien, met z’n allen zouden moeten oplossen. Er ontstaat een kleine discussie over samenwerking tussen gemeentes. Kun je ook gezamenlijk een visie opstellen? Een deelnemer van de gemeente Katwijk is daarvan overtuigd. Zijn gemeente behoort tot een van de tien regiogemeenten die samen een omgevingsvisie hebben opgesteld, namelijk ‘Hart van Holland’. Daar wil de groep meer van weten. Hoe ging dat? Hoe win je elkaars vertrouwen? ‘Het is vaak noodzaak die je naar elkaar drijft. Je kunt niet alles in je eentje regelen’, antwoordt hij. ‘De start van de samenwerking was natuurlijk even aftasten. Maar er was bij iedereen een duidelijk bewustzijn van waarom we samenwerken. Het energievraagstuk van onze regio is namelijk niet op te lossen op het grondgebied van een enkelvoudige gemeente. Samenwerking was en is dus noodzakelijk.’

Het wordt concreter

In de korte pauze tussen de werktafels door, vertelt Garmond Ruighaver van de gemeente Hilversum dat het werken met een casus hem goed bevalt: ‘Met zo’n casus ga je een stukje de inhoud in. Dus dan ga je wel denken “hoe doen wij dat en hoor ik hier dingen die ik nog niet gezegd of bedacht heb? Kunnen we daar wat mee in onze eigen cyclus van beleidsontwikkeling en programma’s?” Dus dat is wel mooi. Het wordt concreter en je gaat meer de inhoud in.’

Vergunningverlening, toezicht en handhaving

Bij de werktafel ‘uitvoering’ gaat tijdens de tweede ronde een kleinere groep aan de slag. Spreekster Patricia Palmen, van het programma ‘Aan de slag met de Omgevingswet’, benadrukt dat juist bij vergunningverlening, toezicht en handhaving de Omgevingswet heel belangrijk is. ‘Op het moment dat het omgevingsplan of de omgevingsverandering niet goed wordt vormgegeven, heb je een probleem. Op het moment dat je je digitale systeem niet goed invult en vormgeeft, heb je ook een probleem. Daar hebben de mensen aan de balie direct last van.’

Mensen uit het veld betrekken

Bij het opstellen van het omgevingsplan zouden juist de mensen uit het veld betrokken moeten worden, volgens Palmen: ‘Het is superbelangrijk om vanuit het dienstverleningsperspectief te kijken. De manier waarop je vragenbomen en formulieren opstelt en invult heeft veel invloed op je dienstverlening. Als je het niet goed regelt, wat doe je dan als straks die boer aan de balie staat?’ De groep heeft zoveel vragen naar aanleiding van Palmen’s inleiding dat er nog nauwelijks tijd is voor het behandelen van de casus.

Een afspraak met jezelf

Als de groep een kwartier later aanschuift bij de plenaire terugkoppeling, worden daar net de afspraken besproken die mensen hebben gemaakt met zichzelf. ‘De volgende keer neem ik een collega mee. De sessies zijn zo breed dat veel mensen hier iets aan kunnen hebben’, zegt een deelnemer. Voor Peter Bos van de gemeente Houten, was dit de derde slagsessie. Het blijft leerzaam, zegt hij. ‘Er zijn natuurlijk heel veel aspecten van de wet. Het gaat over zoveel dingen. Je verdiept je steeds weer in een ander aspect. Het is niet alleen luisteren, maar ook heel veel van anderen leren. Het is nuttig om andermans ervaringen te horen.’

Zelf oefenen met de casus wateroverlast

Wilt u binnen uw eigen organisatie zelf oefenen met het samenspel tussen de verschillende (kern)instrumenten? Met de casus wateroverlast kunt u zelf in een groep oefenen met de verschillende (kern)instrumenten. U leert hoe het samenspel tussen de instrumenten werkt en waar ze in de beleidscyclus een rol kunnen spelen.

Samen verder

De volgende slagsessies zijn op 17 januari 2019 in Zwolle, op 18 januari 2019 in Utrecht en op 24 januari 2019 in Den Bosch. Verder organiseert de VNG samen met Eenvoudig Beter en Aan de slag met de Omgevingswet op maandag 26 november 2018 de Tweede wetgevingsupdate Omgevingswet: waar staan we nu?.

Sfeerimpressie