Pilotprogramma omgevingsvisie levert goede oogst op

Alphen aan den Rijn U bent aan zet!

De bodybuilder van Alphen, de hartjes van Leiden, de boom van Staphorst; het kwam op 7 december allemaal voorbij tijdens de omgevingsdag in de Jaarbeurs Innovation Mile in Utrecht. Acht gemeenten, een provincie en een regio keken met elkaar terug op het afgelopen jaar. In totaal deden er twaalf partijen mee met het pilotprogramma omgevingsvisie 2017 – 2018.

Oefenen

Tijdens het pilotprogramma oefenden de overheden met het opstellen van een omgevingsvisie, een van de belangrijkste instrumenten van de Omgevingswet. Over en weer organiseerden ze bijeenkomsten met experts en andere overheden als gast. Over participatie bijvoorbeeld, en over integraal samenwerken. Ook gingen ze uitgebreid bij elkaar op de koffie. Dat leverde nieuwe inzichten op. ‘En nieuwe vrienden. Er is liefde ontstaan’, glundert Fred Goedbloed van de gemeente Leiden. Met zijn collega ging hij bij maar liefst vijf andere pilotdeelnemers op bezoek, om te ontdekken hoe die hun omgevingsvisie opstellen.

Pilotparade

De pilotparade is het eerste onderdeel van de dag. Iedere deelnemer krijgt drie minuten de tijd om zijn of haar ervaringen te delen. Alphen aan den Rijn trapt af. Achter spreker Anke van der Leek-Krieger doemt een levensgrote afbeelding op van een brede, getatoeëerde man. Een inwoner van de gemeente. ‘De inwoners is namelijk waar het om draait in onze pilot’, vertelt Van der Leek-Krieger. ‘Wij wilden erachter komen wat onze inwoners van hun leefomgeving vinden. Daarom gingen we op de koffie bij bewoners. Prachtige en vooral interesseante gesprekken leverde dat op. En goede bouwstenen voor de omgevingsvisie.’ Ook Goedbloed uit Leiden kijkt met veel plezier terug op het afgelopen jaar. ‘Wat een leuk proces was het’, zegt hij enthousiast. ‘Zijn belangrijkste inzicht: dat de Omgevingswet een flinke verandering in de organisatie teweeg brengt en om een compleet andere manier van werken vraagt.’

Kennismarkt

Na tien korte presentaties – Parkstad Limburg en Gelderland zijn er helaas niet bij – is er een kennismarkt waar de deelnemers in twee rondes met elkaar in gesprek gaan over de thema’s ‘de regionale schaal’, ‘ontschotten en intern verbinden’, ‘stakeholderparticipatie’ en ‘de nieuwe rol van de overheid’. Gevolgd door kennisboosts over ‘verbreden en verbinden’, ‘kerninstrumenten’ en ‘participatie en samenwerking’.

Sociaal met fysiek

In de gemeente Staphorst werkt het fysieke domein steeds nauwer samen met het sociaal domein, vertelt Edwin Saathof wat later op de dag. Hij is vanuit het fysieke domein projectleider omgevingsvisie. ‘Van oudsher denken en werken we in Staphorst vooral vanuit het fysieke, maar het sociale gaat er steeds meer toe doen.’ Die veranderende focus is ook zichtbaar in de omgevingsvisie. ‘We gebruiken vaak een boom als metafoor: de wortels van de visie liggen in het sociaal domein. De stam en de takken vormen het fysieke domein. Je kunt natuurlijk meteen technisch te werk gaan, als je aan je omgevingsvisie begint, maar we wilden liever eerst ontdekken wat er leeft onder de inwoners van onze gemeente. Daar kom je bij uitstek achter via het sociaal domein. Neem vergrijzing, om daarop te kunnen inspelen, is goede zorg niet genoeg, daar zijn ook aangepaste woningen en andere voorzieningen voor nodig.’

Op één werkkamer

Om ervoor te zorgen dat fysiek en sociaal goed kunnen samenwerken, zitten de projectleiders vanuit beide afdelingen letterlijk in één werkkamer. Daardoor spreken ze inmiddels elkaars taal, vertelt Saathof. ‘Mijn collega heeft de transitie in het sociaal domein al doorlopen. Ons staat het fysieke domein min of meer hetzelfde te wachten, met de komst van de Omgevingswet. In het sociaal domein denken ze sinds de transitie vooral in maatwerk. Die systematiek willen we ook in het fysieke domein oppakken.’

Regionale identiteit

In de gemeente Zwolle hebben ze veel geleerd van tijdens de pilotperiode, vertelt projectleider Arjen Vedder. Vooral over regionale samenwerking, waar een van de expertsessies over ging. Vedder: ‘Begin bij het bepalen van jouw regionale identiteit. Onderwerpen als de energietransitie en klimaatverandering spelen overal. Het is dan ook belangrijk dat je uitvindt wat ze voor jouw regio, of specifieker jouw gemeente, betekenen. In Zwolle ontdekten we dat we eigenlijk helemaal niet wisten wat er speelde in onze buurgemeenten. Daarom gaan we in de toekomst periodiek samenwerken en elkaar informeren over de voortgang onze omgevingsvisies. Zo kunnen we de regionale agenda van onze regio, die eerder vooral economisch was ingestoken, verbreden met thema’s uit het fysieke domein.’

Programma

Vedder vindt ook dat het instrument ‘programma’ meer aandacht verdient: ‘Nu hebben we het meestal over de omgevingsvisie en het omgevingsplan, maar het programma past daar heel goed tussen. Beantwoord in je omgevingsvisie wat je wilt gaat doen. In je programma’s kun je vervolgens uitwerken hoe. De juridische vertaling komt dan aan bod in het omgevingsplan.’

Eén taal spreken

‘Wij wilden de pilot gebruiken om het een keer anders aan te pakken dan we normaal gesproken doen’, vertelt Olga Arandjelovic van de provincie Zuid-Holland. ‘Als provincie zijn we sectoraal en verkokerd. Om het eens heel anders te doen, hebben we een open huis georganiseerd, waarbij we de deuren van het provinciehuis letterlijk hebben geopend voor onze partners. Zo konden zij eens meekijken met hoe wij bezig zijn met beleidsontwikkeling.'

'Daarnaast organiseerden we een summerschool waarbij young professionals en old professionals samen nadachten over de toekomst van Zuid-Holland. Tot slot riepen we een online community in het leven, waarbij we zo’n honderdvijftig inwoners van de provincie hebben gevraagd waar wij ons mee bezig zouden moeten houden volgens hen. Ook legden we onze vernieuwingsambities aan hen voor. De uitkomst was dat we dezelfde dingen belangrijk vinden, maar een heel andere taal spreken. Dus als wij er als overheid in slagen om grote abstracte thema’s te verbinden met wat werkelijk leeft bij de mensen, kunnen we echt iets toevoegen.'

Mooie resultaten

Het pilotprogramma heeft heel wat opgeleverd. ‘Samen bereikten we tien keer een omslag in werken, drie keer een verandering in rol en verantwoordelijkheid en ontwikkelden we zeven kansrijke aanpakken. Mooie resultaten. Ga er maar aan staan!’

Er worden nog drie expertsessies georganiseerd en eind februari verschijnt een publicatie met alle resultaten, de leerervaringen, van Pilots omgevingsvisie.

Houd deze website in de gaten of meld je aan voor de nieuwsbrief Kwartslag

Wilt u meer weten over Pilots omgevingsvisie? Neem dan contact op met projectleider Irma Dekker: irma.dekker@rws.nl