Zorgplicht in de Omgevingswet

Een algemene zorgplicht, een algemeen verbod en een specifieke zorgplicht maken deel uit van de Omgevingswet. Samen zorgen ze ervoor dat overheid, bedrijven en burgers verantwoordelijk zijn voor een veilige en gezonde leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit.

Snel navigeren naar:

Algemene zorgplicht

De Omgevingswet bevat een algemene zorgplicht. Dit houdt in dat zowel overheden, bedrijven als burgers verantwoordelijk zijn voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. En dus niet alleen de overheid. Deze algemene zorgplicht is vooral een vangnet als er geen specifieke decentrale regels of rijksregels van toepassing zijn. Als deze specifieke decentrale of rijksregels er wel zijn, geldt de algemene zorgplicht niet meer.

Algemeen verbod

Naast de algemene zorgplicht is in de Omgevingswet ook een algemeen verbod opgenomen (artikel 1.7a Ow). Het is verboden om een activiteit te verrichten of na te laten als daardoor aanzienlijke nadelige gevolgen voor de fysieke leefomgeving (dreigen te) ontstaan. Bijvoorbeeld een milieuverontreiniging die aanzienlijke schade aan de kwaliteit van lucht, bodem of water veroorzaakt.

Het gaat niet om het verrichten of nalaten van activiteiten met beperkte gevolgen voor de fysieke leefomgeving. In het Omgevingsbesluit (artikel 1.3) staat wanneer sprake is van een aanzienlijk gevolg. En op welke gevallen het verbod van toepassing is.

Dit verbod is ook een vangnet. Voor het geval er geen specifieke decentrale regels of rijksregels van toepassing zijn. Als deze specifieke decentrale of rijksregels er wel zijn, geldt het algemeen verbod niet meer. Bijvoorbeeld als een specifieke zorgplicht of andere algemene regel van toepassing is. Of een vergunningvoorschrift.

Het algemeen verbod is strafrechtelijk handhaafbaar.

Specifieke zorgplicht

Specifieke zorgplichten borduren voort op de algemene zorgplicht, maar zijn concreter.

Een specifieke zorgplicht is toegespitst op specifieke activiteiten voor concreet genoemde belangen. Zowel in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) als het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) staan specifieke zorgplichten. Deze specifieke zorgplichten maken duidelijk wat er wel en niet moet gebeuren. Bijvoorbeeld dat degene die verantwoordelijk is voor een activiteit, de beste beschikbare technieken (BBT) gebruikt.

De specifieke zorgplichten zijn algemene regels. Deze regels gelden direct voor burgers en bedrijven. Naast het Rijk kunnen andere overheden specifieke zorgplichten opnemen in hun verordeningen of omgevingsplannen.

Specifieke zorgplichten per activiteit

In het Bal en het Bbl staan specifieke zorgplichten voor activiteiten, waaronder:

De strekking van de specifieke zorgplicht voor lozingsactiviteiten in een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij het Rijk (artikel 6.6 Bal) is gelijk die voor milieubelastende activiteiten, hier is geen aparte pagina over.

Verschil algemene zorgplicht, specifieke zorgplicht en specifieke regels

Er is geen algemene zorgplicht als er een specifieke zorgplicht of gedetailleerde specifieke regels gelden. Dat is een belangrijk verschil met specifieke zorgplichten, die ook gelden als gedetailleerde specifieke regels gelden. Dat kunnen zowel algemene regels als vergunningvoorschriften zijn.

Als bijvoorbeeld het Bal van toepassing is, gelden specifieke zorgplichten van het Bal én andere algemene regels.

Toegespitst en inzichtelijk

Eerdere wetgeving bevatte veel vanzelfsprekende maatregelen die helemaal waren uitgeschreven. Als een bedrijf bijvoorbeeld een filter moest hebben, stond er dat het bedrijf dat filter ook moest onderhouden. En als een lekbak voor olie verplicht was, moest het bedrijf de lekbak regelmatig legen.

Dit soort maatregelen horen bij 'good housekeeping'. Het ligt zo voor de hand, dat de wet dit niet precies hoeft uit te spellen. Onder de Omgevingswet vallen al dit soort gevallen onder de specifieke zorgplichten van het Bal. Zowel de algemene rijksregels als de voorschriften in de vergunning zijn toegespitst op de essentie. De regels zijn inzichtelijk, zonder overbodige details. Maar ze doen wel een beroep op de eigen verantwoordelijkheid van het bedrijf.

Onvoorziene situaties

De specifieke zorgplicht is er ook omdat er altijd onvoorziene situaties kunnen ontstaan. Ontwikkelingen waarmee de wetgever vooraf geen rekening kon houden. Zo kan na nieuw onderzoek blijken dat bepaalde stoffen schadelijker zijn dan eerder bekend was. Of kan er een nieuwe techniek ontstaan om nadelige effecten tegen te gaan. Burgers en bedrijfseigenaren moeten blijven nadenken over de gevolgen van hun activiteiten. Met name als situaties of omstandigheden veranderen. Zij zijn verplicht goed op nieuwe ontwikkelingen in te spelen. De specifieke zorgplicht biedt dus ook in toekomstige situaties bescherming van de leefomgeving.

Maatwerkvoorschrift als mogelijkheid

Bedrijven hebben wel keuze in de manier waarop ze de specifieke zorgplicht invullen. Een eigenaar van een wasstraat moet bijvoorbeeld voorkomen dat de nevel verspreid raakt in de omgeving. Dat mag op verschillende manieren, zolang het maar gebeurt. Vaak is duidelijk wat onder de specifieke zorgplicht het doel is. Een overtreding is dan direct bestuursrechtelijk en strafrechtelijk handhaafbaar. Maar soms is niet duidelijk wat precies de bedoeling is. Dan ligt het voor de hand dat de ondernemer en het bevoegd gezag samen overleggen. Zo kan het bevoegd gezag tot een maatwerkvoorschrift komen. Dit biedt duidelijkheid voor beide partijen.

Ook decentrale overheden

Niet het Rijk, maar gemeenten, waterschappen en provincies stellen de meeste regels voor activiteiten. Ook deze decentrale overheden kunnen in hun regels specifieke zorgplichten opnemen. Dat kon al onder eerdere wetgeving, en kan onder de Omgevingswet nog steeds. Zo kan ook een omgevingsplan, omgevingsverordening, waterschapsverordening of decentrale vergunning beperkt blijven tot de essentie. En is er tegelijk de waarborg dat het milieu beschermd blijft. Ook bij nieuwe, onvoorziene situaties.