'Niet het instrument maar hoe je ermee omgaat, is het belangrijkste'

Sinds juni is Arjan Nijenhuis Verandermanager Omgevingswet voor het Rijk. Zodoende maakt hij ook deel uit van de Programmaraad van het programma Aan de slag met de Omgevingswet. 'Van de zomer ben ik begonnen met een ronde langs de betrokken departementen, eigenlijk begin ik nu pas echt', vertelt Arjan op de 20e verdieping bij BZK met een adembenemend uitzicht over de stad. Een nieuwe functie, maar de Omgevingswet is dat voor hem allerminst. Arjan was tot voor kort voor velen het gezicht van de Omgevingswet.

Arjan 1'Vanuit de Hoofddirectie van Rijkswaterstaat stond ik destijds met collega's van de Rijksplanologische Dienst aan de wieg van de Tracéwet. Die kun je, met haar efficiënte en geïntegreerde procedures, best beschouwen als een vroege voorloper van de Omgevingswet. Net als meer recent de Waterwet en de Wabo', legt Arjan uit. Dus de Omgevingswet is helemaal niet zo bijzonder? 'Oh zeker wel', vervolgt Arjan gepassioneerd, 'het juridisch stelsel voor de fysieke leefomgeving vergeleken we bij het ministerie van IenM wel met een fietsband die te vaak was geplakt. Door alle reparaties was het ding niet meer rond en de rek eruit. Het functioneerde niet meer. We zijn toen opnieuw begonnen met het inrichten van het stelsel. Daarbij hebben we natuurlijk de goede dingen meegenomen.'

'De Omgevingswet bundelt 26 wetten en de honderden uitvoeringsregelingen worden ook gebundeld en versoberd. Die omvang is bijzonder en dat hebben we op het ministerie ook niet alleen gedaan. Aan de wet schreven talrijke experts uit de praktijk mee, van gemeenten, provincies en waterschappen. Nu gebeurt het vaker dat een wet een coproductie is, maar ook hier was de schaal waarop bijzonder. Het resultaat kun je zien in de hoge kwaliteit van de Omgevingswet en het draagvlak dat er in de volle breedte voor is. In de Tweede en Eerste Kamer is er geen grote oppositie tegen de wet geweest en was er grote waardering voor het hele proces', zegt hij trots.

Aandachtspunt

'Een belangrijk aandachtspunt bij de Omgevingswet is dat we niet in de reflex schieten dat we binnen de kortste keren weer alles hebben dicht geregeld. De wet biedt ruimte aan initiatieven en nodigt uit om met elkaar in goed overleg te gaan over onze leefomgeving. Daarbij kijken we integraal naar de fysieke ruimte en beschouwen bijvoorbeeld al vroeg in het proces de impact op de gezondheid. Goed samenwerken met elkaar is de sleutel tot succes. Niet het instrument, maar hoe je ermee omgaat is belangrijk', benadrukt Arjan.

Samenwerken

Na de gemeente Amsterdam werkte Arjan een aantal jaar bij het ministerie van Verkeer en Waterstaat en vervolgens bij VROM, die samen IenM werden. De afgelopen vijf jaar was hij plaatsvervangend directeur van Eenvoudig Beter, dat de stelselherziening trekt. Van het ontwerpen van de wet, houdt hij zich nu bezig met de implementatie. Is dat heel anders? 'Ik wil graag zien hoe de Omgevingswet in de praktijk werkt en de invoering van de wet ondersteunen. Het is interessant om het nu vanuit deze kant te bekijken. En ook in mijn nieuwe functie komt het weer neer op de kracht van samenwerken. Met de departementen en in het programma Aan de slag met de Omgevingswet natuurlijk ook met de andere koepels: de gemeenten, provincies en waterschappen. En dat is altijd interessant,' stelt Arjan. Zo enthousiast en betrokken als hij is, kan goed samenwerken geen grote problemen voor hem opleveren. Zijn er misschien mensen waar hij een beetje moeite mee heeft? 'Nee, eigenlijk niet', zegt Arjan meteen, 'het is het constructiefst en prettigst als mensen uitgaan van kansen, dus alleen tegen ge-'ja maar' heb ik bezwaar!'