‘Laten zien hoe het werkt, maakt dat het stelsel werkt!’

‘Met een vooruitstrevende wiskundeleraar, begon ik op mijn twaalfde met programmeren op mainframe computers. Nu ik bijna 60 ben, mag ik nog steeds graag programmeren, al heb ik daar op dit moment niet echt de tijd voor. Ik ben geen ICT-er pur sang, maar heb er wel het nodige van in de rugzak zitten’, vertelt Willem de Goeij, programmamanager van het Digitaal Stelsel Omgevingswet.

Willem de Goeij - 03Na zijn middelbare school werd het niet Technische Natuurkunde maar de Marine Academie in Den Helder. ‘Ik wilde een andere wereld ontdekken, al ben ik een bèta-product.’ Via Den Helder voer en vloog hij de hele wereld over. En hij leerde er zijn echtgenote kennen. Na 17 jaar marine was hij zo’n 13 jaar lang directeur van luchtvaartsimulatiecentra voor de opleiding en training van vliegers bij de wereldmarktleider op dat gebied. Daarbij leidde hij ook projecten voor nieuwe centra in binnen- en buitenland, en voor nieuwe simulatortypen. Meer recent, was hij als programmadirecteur verantwoordelijk voor de introductie van de OV-chipkaart bij de NS en leidde hij op interim-basis een klein jaar het bedrijf achter de OV-chipkaart.

Complexiteit als uitdaging

‘Ik breng graag vanuit structuur, inzicht, doorzicht en overzicht aan in complexe situaties. Neem de introductie van de OV-chipkaart. Daar waren zo’n 80 organisaties bij betroken; van vervoerder tot belangenvertegenwoordigers. Qua complexiteit en uitdagingen op veel fronten vergelijkbaar met de invoering van de Omgevingswet’, stelt hij. Ook dat was een bestuurlijk uitdagend traject, met daarnaast ook nog de nodige invloed van landelijke en lokale politiek en zo een beetje iedereen in Nederland die er wat van vond. ‘Ik vind het belangrijk om te weten wat er zoal speelt en hoe men over ons werk denkt. Ook nu heb ik een Google alert ingesteld: omgevingswet’, legt Willem uit. Loopt er naast complexiteit nog een rode draad door zijn carrière? ‘Ja, naast het realiseren van lastige opdrachten, vind ik het belangrijk dat het maatschappelijk relevant is wat ik doe’.

Laat het zien

Vanuit zijn jarenlange ervaring met simulaties, weet hij dat het visualiseren van en  kunnen oefenen met wat er komen gaat, zin heeft. Dat is Willems stellige overtuiging. ‘Zo bouwden we een virtuele belevingsruimte voor het werken met de OV‑chipkaart, de paaltjes en de poortjes op stations. Toen konden gebruikers al ervaren hoe het zou gaan werken. Dat moeten we voor de Omgevingswet ook gaan doen. Als je kunt laten zien hoe het moet gaan werken nog voor het er is, dan gaat het stelsel straks ook veel gemakkelijker echt werken.’ Bijvoorbeeld met een game? ‘Ja, ook dat is inmiddels een volwassen techniek en ik denk graag mee over hoe we dat het beste kunnen aanpakken. Gaan we er even goed met elkaar voor zitten, bestellen we er pizza’s bij’, begint Willem enthousiast en hij stroopt nog net niet zijn mouwen op.

Visuele cockpit

‘Ook wil ik technieken vanuit de LEAN-methodiek introduceren, zoals bijvoorbeeld Obeya dat in gebruik is bij het Kadaster, een van onze ontwikkelpartners. We richten dan een fysieke ruimte in waar we vanuit structuur, alle relevante zaken van ons programma en haar projecten visueel kunnen beleven; zoals bijvoorbeeld de planning, maar ook onze risico’s en issues. Een soort visuele cockpit dus. Het liefst doe je dat dan digitaal. Je bespreekt aldaar heel regelmatig met het team de voortgang. Dat zorgt ervoor dat iedereen beter weet en beleeft waar we staan en wat hij of zij te doen heeft. Zo’n werkwijze draagt ook bij aan het teamgevoel. Ik ben blij dat we binnenkort op één locatie zitten. Ontmoeten bevordert de samenhang en samenwerking en het maakt het ook nog eens leuker.’

Ondertussen in Limburg

Door zijn baan in de burgerluchtvaart belandde hij in Zuid-Limburg waar hij nog steeds woont. Doordeweeks blijft hij overigens in de regel in Den Haag. ‘Ik heb er heel vroeger gewoond. Wat is die stad er qua kwaliteit van beleving er enorm op vooruit gegaan, het leeft nu echt in de binnenstad’, stelt hij tevreden vast. En in Limburg? ‘Dat is en blijft natuurlijk mijn echte thuis waar ook mijn echtgenote Ellen huist. Daarnaast ben ik ook daar maatschappelijk betrokken, zoals bij de oorlogsbegraafplaats in Margraten waar circa 10.000 geallieerden begraven liggen uit de Tweede Wereldoorlog. Jaarlijks organiseert de  stichting waar ik voorzitter van ben er een groots en internationaal uniek muzikaal eerbetoon. ‘En’, en hij lacht een beetje, ‘in mijn spaarzame vrije tijd, ben nu een relatiedatabase daarvoor aan het programmeren.’