Externe veiligheid in vergunningen

De vergunningplicht voor milieubelastende activiteiten met externe veiligheidsrisico's staat in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). In het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) staan beoordelingsregels voor vergunningen voor milieubelastende activiteiten met externe veiligheidsrisico's.

Algemene beoordelingsregel

Bij de beoordeling van de aanvraag houdt het bevoegd gezag rekening met het volgende:

  • Het belang van het voorkomen, beperken en bestrijden van risico's van branden, rampen en crises (zoals bedoeld in artikel 10, onder a en b, van de Wet veiligheidsregio's).
  • De mogelijkheden voor personen om zich daarbij in veiligheid te brengen.
  • De geneeskundige hulpverlening aan personen daarbij.

Voor de beoordeling van de vergunningaanvraag zijn ook een aantal instructieregels over externe veiligheid voor het omgevingsplan van toepassing.

Beoordelingsregels voor milieubelastende activiteiten

Voor vergunningplichtige milieubelastende activiteiten gelden beoordelingsregels over externe veiligheid. Deze beoordelingsregels staan in artikel 8.12 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl).

Het gaat om beoordelingsregels voor activiteiten zoals:

  • de opslag van bepaalde hoeveelheden gevaarlijke stoffen en gassen
  • grote ammoniakkoelinstallaties
  • gasdrukregel- en meetstations
  • cyanidehoudende baden in de metaalindustrie
  • Seveso-inrichtingen
  • buisleidingen
  • 3 of meer windturbines

Bij deze activiteiten zijn grens- en standaardwaarden voor het plaatsgebonden risico van toepassing.

Grenswaarde plaatsgebonden risico

Door de beoordelingsregels kan het bevoegd gezag een omgevingsvergunning alleen verlenen als ze de grenswaarde voor het plaatsgebonden risico in acht neemt. De grenswaarde is ten hoogste 1 op de miljoen per jaar. Deze grenswaarde geldt voor kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en kwetsbare locaties. Het in acht nemen betekent dat het bevoegd gezag er niet van mag afwijken.

Standaardwaarde plaatsgebonden risico

Daarnaast moet het bevoegd gezag rekening houden met een standaardwaarde voor het plaatsgebonden risico. Deze standaardwaarde is ten hoogste 1 op de miljoen per jaar. De standaardwaarde geldt voor beperkt kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare locaties.

Rekening houden met betekent een inhoudelijke sturing op de belangenafweging. Dit geeft het bevoegd gezag beoordelingsvrijheid. Het bevoegd gezag mag dus afwijken van deze standaardwaarde. Ze moet daar dan wel goede redenen voor hebben en ze moet dit goed motiveren.

Groepsrisico

In een aantal gevallen houdt het bevoegd gezag bij de beoordeling rekening met het groepsrisico. Het groepsrisico is de kans op het overlijden van een groep van tien of meer personen per jaar als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval. Dit geldt voor beperkt kwetsbare, kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en beperkt kwetsbare en kwetsbare locaties binnen een brandaandachtsgebied, een explosieaandachtsgebied en een gifwolkaandachtsgebied. Lees meer over de aandachtsgebieden externe veiligheid.

Beoordelingsregels vuurwerk en ontplofbare stoffen voor civiel en voor militair gebruik

Er gelden ook beoordelingsregels voor vuurwerk en pyrotechnische artikelen voor theatergebruik. En voor ontplofbare stoffen voor civiel en voor militair gebruik. In deze beoordelingsregels staat dat de instructieregels voor het omgevingsplan voor deze activiteiten ook gelden. Deze instructieregels gaan over de afstand van een explosieaandachtsgebied tot de risicobron.