Lucht in algemene rijksregels voor milieubelastende activiteiten

Het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) bevat algemene rijksregels voor lucht bij milieubelastende activiteiten. Voor veel milieubelastende activiteiten gelden regels die de emissie moeten beperken. Het Bal bevat ook een zorgplicht.

Rijksregels voor luchtemissie

De regels voor luchtemissies staan in hoofdstuk 4 en 5 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). De regels hebben de bedoeling de luchtkwaliteit te beschermen en te verbeteren.

Hoofdstuk 3 van het Bal wijst milieubelastende activiteiten aan. De inhoudelijke regels staan in hoofdstuk 4 en 5. In de richtingaanwijzer bij de milieubelastende activiteiten in hoofdstuk 3 van het Bal staat welke paragrafen van hoofdstuk 4 en 5 van het Bal gelden. Degene die een milieubelastende activiteit uitvoert, moet de maatregelen van hoofdstuk 4 en 5 toepassen.

De direct werkende regels in hoofdstuk 4 van het Bal gaan onder andere over

  • emissiegrenswaarden
  • meten en berekenen van emissiegrenswaarden
  • maatregelen om emissie naar de lucht te beperken

In hoofdstuk 5 van het Bal staan de regels voor het beperken van luchtemissies, voor Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) en over het PRTR-verslag.

Decentrale regels in omgevingsplan

Naast de in het Bal genoemde regels staan er ook regels over lucht in het omgevingsplan. Hier leest u meer over op de pagina lucht in het omgevingsplan.

Maatwerk

Uitgangspunt van de Omgevingswet is dat de overheid voor alle activiteiten maatwerk voor lucht kan stellen. Wel is bij een aantal activiteiten de mogelijkheid voor maatwerk ingeperkt.

Lees meer over de maatwerkregel en het maatwerkvoorschrift. En het verschil tussen maatwerkregel en maatwerkvoorschrift.

Specifieke zorgplicht

De specifieke zorgplicht uit artikel 2.11 van het Bal is gekoppeld aan de oogmerken van artikel 2.2 van het Bal. Zo is een doel het beschermen van de kwaliteit van de buitenlucht. Een bedrijf heeft de plicht om vooraf na te gaan hoe ze verontreiniging van de buitenlucht kan voorkomen of beperken. Preventieve maatregelen moet het bedrijf nemen. Zo kan een bedrijf mogelijk de diffuse stofemissie uit een hal beperken door deuren en ramen te sluiten. Een ander voorbeeld zijn maatregelen in het kader van vervoermanagement bij bedrijven.

Onder deze zorgplicht vallen ook good housekeeping-maatregelen. Als het bedrijf bijvoorbeeld een naverbrander of een doekenfilter heeft, dan moet het bedrijf deze goed onderhouden. Dit onderhoud zorgt ervoor dat deze nageschakelde techniek goed blijft functioneren.

Lees meer over zorgplicht in de Omgevingswet.

Europese regels

Als voor een activiteit luchtregels gelden vanuit Europese verordeningen, dan staan hiervoor geen regels in het Bal. De regels uit de Europese verordeningen gelden direct. Dit is het geval voor installaties gevuld met gefluoreerde broeikasgassen (f-gassen zoals HFK’s) of ozonlaagafbrekende stoffen (CFK en HCFK). Het gaat hierbij om:

  • brandbeveiliging: stationaire brandbeveiligingsinstallaties en brandblusapparaten
  • elektrische schakelinrichtingen
  • koel-, vries- en warmtepompinstallaties

Meer informatie staat op de InfoMil-pagina Ozonlaagafbrekende stoffen en gefluoreerde broeikasgassen.

Vergunningplicht en beoordelingsregels

In hoofdstuk 3 van het Bal staat wanneer er een vergunningplicht geldt voor een milieubelastende activiteit. In het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) staan de beoordelingsregels voor lucht voor een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit.