Reserveringsgebieden grote rivieren

Door de reserveringsgebieden voor grote rivieren blijft er ruimte voor rivierverruimende maatregelen die op korte of langere termijn nodig zijn. Het gaat om de Rijntakken en de Maas. De gemeente moet hier in het omgevingsplan rekening mee houden bij het toelaten van ontwikkelingen.

Reserveringsgebieden voor de lange termijn

Het Rijk reserveert gebieden voor de lange termijn langs de grote rivieren: de Rijntakken en de Maas. Dit staat in artikel 5.42 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Deze reserveringsgebieden zijn binnendijkse gebieden voor toekomstige rivierverruimende maatregelen. Deze maatregelen kunnen nodig zijn om grotere rivierafvoeren op te vangen.

De grenzen van de reserveringsgebieden staan in artikel 5.42 van het Bkl en artikel 2.9 en bijlage III van de Omgevingsregeling.

Omgevingsplan en reserveringsgebied

De gemeente laat in het reserveringsgebied van het omgevingsplan geen grootschalige of kapitaalintensieve ontwikkelingen toe die toekomstige rivierverruimende maatregelen kunnen belemmeren (Bkl, artikel 5.47). Dit voorkomt:

  • toename van (verhaalbare) schade
  • hogere kosten van de rivierverruimende maatregelen door afkoop of onteigening

De gemeente kan wel ontwikkelingen toestaan die van tijdelijke aard of kleinschalige aard zijn. Deze vormen over het algemeen geen belemmering voor de uitvoering van de rivierverruimende maatregel.

Er kunnen ontwikkelingen zijn die al in uitvoering waren of waren toegestaan in het toen geldende bestemmingsplan of de toen geldende beheersverordening of omgevingsvergunning. Deze ontwikkelingen kunnen gewoon worden uitgevoerd (Bkl, artikel 5.36).