Zwemwater en omgevingsvergunning

Het bevoegd gezag moet iedere aanvraag om een vergunning voor een wateractiviteit beoordelen in het licht van de water- en waterbeheerprogramma’s. Dit staat in artikel 8.22 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl).

Het bevoegd gezag beoordeelt of de aanvrager achteruitgang voorkomt. En voldoet aan de omgevingswaarden of maatschappelijke functies. De vergunning moet bijvoorbeeld verenigbaar zijn met een aangewezen zwemlocatie. Hiervoor kunnen beoordelingsregels staan in de omgevingsverordening van de provincie of het omgevingsplan van de gemeente.

Meer informatie