Waar moet het Rijk bij de voorbereiding en in de procedure van de instructie rekening mee houden?

Het Rijk moet rekening houden met het beleid van andere bestuursorganen en met de taak- en bevoegdheidsverdeling volgens de Omgevingswet.

Afstemming

Een bestuursorgaan moet rekening houden met de taken en bevoegdheden van andere bestuursorganen (artikel 2.2 Ow). Dit betekent dat het Rijk bij het opstellen van een instructie rekening moet houden met het beleid van andere bestuursorganen en met de taak- en bevoegdheidsverdeling volgens de Omgevingswet.

Voorbereidingsprocedure

Op de totstandkoming van een instructie is de reguliere procedure uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb) van toepassing. Een instructie is een besluit waartegen belanghebbenden bezwaar in kunnen dienen. En vervolgens beroep in twee instanties kunnen instellen. Dit kan ook het bestuursorgaan zijn dat de instructie heeft gekregen.

Voordat het Rijk de instructie stelt, moet het noodzakelijke nationaal belang kenbaar zijn gemaakt in een openbaar document. Bovendien moet het Rijk altijd eerst op bestuurlijk niveau contact leggen met het orgaan dat de instructie ontvangt, voordat het een instructie geeft. Zo komt de instructie niet als verrassing.

Digitaal beschikbaar

De Omgevingswet en de algemene maatregelen van bestuur bevatten geen directe digitale verplichtingen. Ze bieden wel de grondslag voor het digitaal stelsel Omgevingswet. De wetgever neemt in een later stadium regels op in de Invoeringsregeling. Deze regels gaan onder andere over het verplicht ontsluiten van de instructie via het digitaal stelsel Omgevingswet. Deze verplichting hangt samen met de ontwikkeling van standaarden.

Als het Rijk de instructie via het digitaal stelsel omgevingswet wil ontsluiten, dan moet de instructie aan standaarden voldoen.

Lees meer over de relatie tussen de instrumenten en het digitaal stelsel Omgevingswet.