Doorwerking omgevingswaarden via instructieregels

Omgevingswaarden gelden in de eerste plaats voor de overheid die ze vaststelt. Het is ook mogelijk dat deze waarden doorwerken via instructieregels en zo gaan gelden voor (besluiten van) een decentraal bestuursorgaan.

Bindende werking

Alleen de overheid die omgevingswaarden vaststelde kan worden aangesproken op het behalen van de omgevingswaarde. Voor bedrijven en burgers ontstaat pas een juridisch bindende werking als de omgevingswaarde is vertaald naar een omgevingsvergunning, een algemene regel of een maatwerkvoorschrift.

Het Rijk

Met instructieregels of beoordelingsregels voor omgevingsvergunningen kan het Rijk ervoor zorgen dat omgevingswaarden ook gelden voor besluiten van gemeenten, provincies en waterschappen. Daarin kunnen zij vastleggen hoe de lokale overheid om moet gaan met de omgevingswaarden als ze hun taken uitoefenen. Voorbeelden zijn:

  • Instructieregel waterprogramma (artikel 4.13 Bkl): een waterprogramma moet zo zijn opgesteld dat de omgevingswaarden voor waterkwaliteit voldoen.
  • Instructieregel omgevingsplan (artikel 5.50 Bkl): bij de aanleg van nieuwe autosnelwegen moet de gemeente de omgevingswaarde voor NO2 in acht nemen.

De provincie

Provincies kunnen een omgevingswaarde via instructieregels door laten werken naar gemeenten of waterschappen.

Burgers en bedrijven

Burgers en bedrijven krijgen pas te maken met een omgevingswaarde als een bestuursorgaan maatregelen neemt om aan die waarde te voldoen. Bijvoorbeeld als de omgevingswaarde ertoe leidt dat een beschikking wordt gegeven, gewijzigd of ingetrokken. Ook kan de omgevingswaarde aanleiding zijn om een subsidie of juist een heffing te geven.

Daarnaast kunnen er in een omgevingsplan of omgevingsverordening regels staan om die omgevingswaarde te bereiken. Daarnaast is met onderdelen in het Bkl een koppeling gelegd met de omgevingsvergunning voor de milieubelastende activiteit. Voorbeelden zijn:

  • Beoordelingsregel voor de omgevingsvergunning (artikel 8.17 Bkl): Leidt de aanvraag voor een activiteit tot een verhoging van de concentratie van stikstofdioxide in de lucht? Dan wordt de omgevingswaarde in acht genomen.
  • Voorschriften voor de omgevingsvergunning (artikel 8.30 Bkl): aan een omgevingsvergunning worden voor het bereiken van een omgevingswaarde strengere voorwaarden verbonden dan die door toepassing van best beschikbare technieken haalbaar zijn.