We doen het op z’n Flevolands

Wat een informatiearchitect en de Omgevingswet met elkaar te maken hebben? Yvette van Turnhout-Ellenkamp kan er alles over vertellen. Zij denkt mee over het toekomstige Digitaal Stelsel Omgevingswet. ‘Met deze digitale ondersteuner maken we een flinke stap voorwaarts. Alles wordt veel overzichtelijker.’

Vanuit het provinciehuis in Lelystad kun je ‘m zien: Cornelis Lely, ingenieur, waterbouwkundige en vader van Flevoland. Zijn standbeeld staat op een 32 meter hoge zuil en torent uit boven het centrum van de stad. Uit Lely’s plan voor de afsluiting van de Zuiderzee ontstond in de 20e eeuw de grootste polder ter wereld: de Flevopolder. Met volop ruimte voor wonen, landbouw, recreatie en nieuwe natuur. Dit nieuwe land was een droom voor planologen.

Het is een plezier om in deze polder te werken zegt Yvette van Turnhout-Ellenkamp, procesadviseur en informatiearchitect bij de provincie Flevoland. ‘Er is ruimte voor nieuwe ontwikkelingen en de Flevolanders zijn heel pragmatisch ingesteld. Dat ligt mij wel. De pioniersgeest is hier springlevend.’

Het helpt dat Flevoland een kleine provincie is, vindt ze: ‘Als provinciaal ambtenaar heb je met iets meer dan 400.000 inwoners, maar 6 gemeenten, 2 omgevingsdiensten en 1 waterschap te maken. Dat is goed te overzien. De lijnen zijn kort. We introduceerden een Flevolands Platform Omgevingswet, om met medeoverheden en partners zoals GGD en de brandweer over dit onderwerp te spreken. Tijdens zo’n platformoverleg hebben we het bijvoorbeeld over de ketensamenwerking. Ook behandelen we praktijkcases om zo meer kennis en begrip te kweken voor elkaars standpunten en belangen.’

Samenleving die het gaat maken

Van Turnhout-Ellenkamp en haar collega’s bij de provincie Flevoland gaan voortvarend te werk in hun voorbereidingen op de Omgevingswet. In 2016 brachten medewerkers van de afdelingen Informatievoorziening en Ruimte in kaart hoe de werkprocessen vanaf 2019 verlopen. ‘De invoering van de Omgevingswet is een behoorlijke veranderopgave’, vertelt ze. ‘Dat betekent meer samenwerking met de mensen uit het gebied. Meer integraliteit, oftewel 1 overheid, en minder schotten tussen de verschillende beleidsterreinen. Daar hoort het opzetten van een gedigitaliseerde, gestandaardiseerde informatie-uitwisseling bij. We testen die processen op z’n Flevolands: niet eindeloos uitdetailleren, maar gewoon aan de slag.’

April 2017 werd bovendien het conceptontwerp “Omgevingsvisie voor Flevoland” gepresenteerd. Dat strategisch plan voor de lange termijn geeft de belangrijke toekomstige ontwikkelingen in de provincie weer. Ook staat erin hoe de provincie zich daarop voorbereidt. Duurzame energie, “toplandbouw” en de circulaire economie staan hoog op het verlanglijstje.

Voor iedereen makkelijker

Als informatiearchitect werkt Van Turnhout-Ellenkamp aan de doorontwikkeling van het informatie- en applicatielandschap van de provincie. De inrichting van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) eist daardoor veel aandacht van haar op. Het is een centraal onderdeel van de nieuwe werkwijze, verduidelijkt ze. Het DSO koppelt afspraken, registraties en gegevensverzamelingen van de zogenoemde informatiehuizen aan elkaar. Informatiehuizen zijn digitale verzamelingen van informatie over onder meer lucht, water, geluid, cultureel erfgoed en bodem. Burgers, ambtenaren, organisaties en andere belanghebbenden kunnen in het DSO straks alle informatie vinden die ze nodig hebben. Als zij bijvoorbeeld een aanvraag willen indienen of een plan willen toetsen.

‘Veel informatie voor een goede en efficiënte afweging is al beschikbaar, maar nog niet goed toegankelijk’, zegt Van Turnhout-Ellenkamp. ‘Bij een vergunningscheck hoort bijvoorbeeld de vraag of het een monument betreft. De burger moet dan zelf ja of nee invullen. Terwijl wij toegang hebben tot een monumentenregister. Door informatie bruikbaar, beschikbaar en bestendig te maken, wordt het voor iedereen een stuk makkelijker.’

Optelsom van ontwikkelingen

Alle gegevens worden voortaan op dezelfde manier geregistreerd, opgeslagen en ontsloten. ‘Daar gaat een groot reinigend vermogen vanuit’, stelt Van Turnhout-Ellenkamp. ‘Met de Omgevingswet en het DSO maken we een flinke stap voorwaarts. Zogenoemde bronhouders zijn verantwoordelijk voor die gegevens. In het geval van de adresgegevens zijn dat nu al de gemeenten. Voor bijvoorbeeld stiltegebieden zijn de provincies bronhouder. Dat er straks voor alle soorten gegevens een bronhouder is, maakt het erg overzichtelijk’, vindt ze.

Geen heimwee naar de keukentafel

Van Turnhout-Ellenkamp is in Lelystad op haar plaats. Heeft Flevoland haar binnengehaald om dit proces in goede banen te leiden? ‘Dat zou je haast denken. In mijn vorige baan op het ministerie van Infrastructuur en Milieu schreef ik mee aan het DSO. Toch ben ik via een andere vacature binnengekomen. Na 9 jaar ministerie vind ik het leerzaam om er vanuit een andere overheidslaag naar te kijken’.

Vindt ze het geen bezwaar om op een hoog theoretisch niveau te werken? ‘Zo zie ik dat helemaal niet. Ik ben opgeleid als geodetisch ingenieur en werkte in de landinrichting. Toen zat ik met boeren aan de keukentafel om over ruilverkaveling te praten. Werk moet concreet zijn. Dat is een belangrijk woord voor me: concreet. In dit werk draag ik nog steeds bij aan concrete verbeteringen in de provincie Flevoland. Dat vind ik belangrijker dan het domein waar ik in werk.’


160236-foto Yevette van Turnhout

Wie: Yvette van Turnhout-Ellenkamp
Functie: procesadviseur en informatiearchitect, provincie Flevoland
Deed hiervoor: senior beleidsadviseur geo-informatie op het ministerie van Infrastructuur en Milieu
Wil nog kwijt: ‘Hou de verbetering waar je het uiteindelijk voor doet altijd voor ogen.’