Uitgangspunten en doelen van de Omgevingswet

De Omgevingswet bundelt de wetgeving en de regels voor ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water. Daarmee vormt de wet de basis voor de samenhangende benadering van de fysieke leefomgeving. Het gaat om de balans tussen het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving. Met het oog op een duurzame ontwikkeling.

De komst van de Omgevingswet maakt het omgevingsrecht inzichtelijker voor burgers, ondernemers en overheden. Er zijn minder regels en er is meer ruimte voor initiatieven.

Uitgangspunten

Eén van de uitgangspunten van de Omgevingswet is minder en daardoor overzichtelijkere regels.

Verbeterdoelen

Met de Omgevingswet wil de wetgever 4 verbeterdoelen bereiken.

Beleidscyclus

De beleidscyclus biedt een structuur om de instrumenten van de Omgevingswet te ordenen.

Decentraal, tenzij

De taken en bevoegdheden liggen bij gemeente en waterschappen en minder bij Rijk en provincie.

Fysieke leefomgeving

Eén van de kernbegrippen van de Omgevingswet is 'fysieke leefomgeving'.

Procedures

Bij beleid en besluiten spelen participatie, inspraak en rechts­bescherming een belangrijke rol.

Voorzorgsbeginsel

De overheid kan maatregelen nemen bij het vermoeden van negatieve gevolgen van activiteiten.

Zorgplicht

De wet kent een algemene zorgplicht, een algemeen verbod en een specifieke zorgplicht.