Expertmeeting Omgevingswet hoger onderwijs

Hoger onderwijs en de Omgevingswet: 'Spreek docenten aan, niet het college van bestuur'

Voor veel mensen naderde de werkdag al bijna z'n einde rond de klok van vier. Dat gold niet voor de deelnemers aan de Expertmeeting Omgevingswet in het hoger onderwijs, op 11 mei in Meeting Plaza Utrecht. Voor hen klonk het startsein van een inspirerende bijeenkomst met als hoofdvraag: 'Hoe zorgen we ervoor dat studenten straks met de Omgevingswet kunnen werken?'

'Wij hebben jullie nodig, we zijn zelf ook nog zoekende', leidt dagvoorzitter Ellie Roetgerink de bijeenkomst in. Deze open houding spreekt de groep zichtbaar aan. Er zijn achttien lectoren, docenten, onderzoekers en andere betrokkenen bij het hoger onderwijs aanwezig. Met hetzelfde enthousiasme als Roetgerink vervolgt Gaston Gelissen met een korte introductie op de nieuwe wet. De coördinator Kennis, Onderwijs en Wetenschap van het programma Aan de slag met de Omgevingswet vraagt zich openlijk af wat de mogelijkheden zijn om de wet te laten landen in het hoger onderwijs. 'Jonge mensen – mét en zonder juridische opleiding – zijn voor ons belangrijk.'

Photocollage1

LivingLabs

Na het inleidende gedeelte, splitst de groep zich. Het ene team gaat onder leiding van senior adviseur Annemieke Ellferich in op de zogenoemde LivingLabs. Onderwijsinstellingen, bedrijfsleven en overheid experimenteren daarin samen met de Omgevingswet. Zijn dit soort werkvormen zinvol?

Minor

'Jonge mensen denken anders en vernieuwend. Het is dus erg zinvol als de overheid met hen in gesprek gaat. Een LivingLab is daar een goed middel voor', vindt een van de deelnemers. 'Denk ook eens aan het betrekken van andere opleidingen dan juridische, zoals de kunstacademie. Juist de visie van deze studenten is interessant.' Een ander vult aan: 'Biedt theorie over de Omgevingswet aan via een minor. Daar zitten studenten uit verschillende studierichtingen bij elkaar. Dat zorgt voor kruisbestuiving. In een minor is meer afwegingsruimte dan binnen de opleiding zelf.'

Engels lastig

Samenwerking tussen het hoger onderwijs en de overheid blijkt niet altijd makkelijk. Zo vertelt iemand: 'Wij hebben sinds kort een Engelstalige master. Daar komen veel internationale studenten op af. Helaas blijkt het bijna onmogelijk om voor hen een stageplaats te regelen bij de overheid. De meeste overheden zien het niet zitten om een anderstalige student in dienst te nemen. Alle wetteksten zijn immers in het Nederlands, redeneren zij.'

Cultuuromslag

De Omgevingswet betekent dat heel veel mensen anders moeten gaan werken. De wet brengt een heuse cultuuromslag met zich mee. Dat is het onderwerp van gesprek in het andere team, want met die cultuuromslag moet je zo vroeg mogelijk beginnen. In het onderwijs dus. 'Wie moet je aanspreken binnen een onderwijsinstelling?', vraagt sessieleider Gaston Gelissen aan de deelnemers. De meesten zijn het erover eens dat dat de docenten zijn. Zij moeten het vervolgens overbrengen aan de studenten. 'Het is niet zinvol om het college van bestuur aan te spreken, dat zit te ver van de studenten af.' Hoe je docenten uiteindelijk meekrijgt? 'Organiseer bijeenkomsten als deze, waaraan studenten, docenten en onderwijskundigen kunnen deelnemen, op lokaal niveau. Pas op dat onderwijsinstellingen het niet sectoraal gaan oppakken. Dan maak je er een soort College Tour van en komen er veel meer mensen op af.'

Praktisch lesmateriaal, of games

Wat vinden de aanwezigen van het lesmateriaal dat al beschikbaar is op de website Aan de slag met de omgevingswet? Voor studenten is het niet praktisch genoeg, denken de meesten. Al verschilt het wel in welk leerjaar en bij welke opleiding je het gebruikt. De hoeveelheid zou weleens een probleem kunnen zijn, denkt iemand. 'Hoe ga je dat op een goede manier aanbieden?' Gaming zou een mooie manier zijn om studenten te betrekken, oppert een ander. Er klinken enthousiaste geluiden als Ellferich vertelt dat er op dit moment een serious game wordt ontwikkeld.

Minder specifiek

'Co-creatie is belangrijk. Je moet niet alles in één opleiding stoppen, daar geloof ik niet in', zegt een van de deskundigen. 'De Omgevingswet is zo breed, daar moet je vanuit verschillende vakgebieden naar kijken.' Een ander vervolgt daarop: 'Straks is er de student die de omgeving als geheel moet snappen en minder geënt is op een specifiek vakgebied.'

Photocollage2

Jonge mensen hard nodig

Na de gesprekken in groepsverband volgen er pompoensoep, broodjes kroket en een korte lezing van Ellferich over de wondere wereld van het omgevingsplan. Veel nieuwe informatie voor de aanwezigen. Er wordt dan ook druk meegeschreven. En dan is het tijd om op te stappen. Maar niet zonder stof tot nadenken, want, zo zegt een van de deelnemers: 'Het gaat er niet per se om dat we de wet laten landen in het onderwijs. Het gaat erom dat we ons realiseren dat we de jonge mensen heel hard nodig hebben. Dat is een andere kijk op dezelfde zaak. Hoe gaan we dat voor elkaar krijgen?'